Een piekervrij bestaan bestaat niet, maar wanneer wordt het een stoornis?

Iedereen piekert wel eens, over je werk, je opleiding, je vrienden of familie. Maar bij sommige mensen is het zó erg dat het piekeren de controle over hun leven overneemt. Ze durven niet meer naar buiten en proberen hun geliefden ook binnen te houden. Maar wanneer spreek je over ‘gewoon’ piekeren en wanneer over een piekerstoornis?

Ongeveer 4% van de Nederlanders ontwikkelt ooit in zijn of haar leven een piekerstoornis, dat zijn bijna 700.000 mensen in Nederland. Gelukkig (als je het gelukkig kunt noemen) is het iets wat je ontwikkelt, en niet iets wat je permanent hebt. Op een gegeven moment in je leven kun je dus zoiets krijgen, maar er is ook weer vanaf te komen. Gelukkig (en nu echt). Iedereen kan een piekerstoornis ontwikkelen, het ligt niet aan je leeftijd of geslacht. Alhoewel vrouwen wel vaker geneigd zijn te piekeren, zo vertelt Ellen Huijsmans van InMotie Psychologie mij. Ellen: “Ook zie je dat mensen die wat angstiger, somberder of gevoeliger zijn dan anderen, meer kans hebben om een piekerstoornis te ontwikkelen. Dit zijn vaak mensen die hun emoties moeilijk uiten, onzeker zijn, veel nadenken en een pessimistische kijk hebben op de wereld.”

Wat is een piekerstoornis?

Een piekerstoornis is eigenlijk een gegeneraliseerde angststoornis. Gegeneraliseerd betekent hier dat er veel verschillende zorgen zijn, bijvoorbeeld over gezondheid van jezelf of anderen, over werk, relaties, geld en eigenlijk nog veel meer. Je maakt je dan over alles tegelijk zorgen, terwijl daar vaak helemaal geen aanleiding voor is. Het piekeren heeft ook helemaal geen zin, maar dat zien de piekeraars niet in. Voor hen zou het piekeren wel kunnen betekenen dat ze beter voorbereid zijn op eventuele problemen en gevaren. Een abnormale hoeveelheid piekeren kan horen bij een burn out, aanpassingsstoornis of depressie.

Bron: Unsplash

Wanneer gaat ‘normaal piekeren’ over in een stoornis?

Een piekerstoornis ontwikkel je als je door de piekergedachten de wereld een stuk zwarter gaat zien. Meestal gaat dit samen met minder slaap. Dit kan er in sluipen, maar ook ontstaan na een nare ervaring, zoals een verbroken relatie, ruzie of verlies van een dierbare. Volgens Ellen is het belangrijk om af en toe even te checken of je zorgen wel rationeel zijn, zo laat je piekeren wat het is en wordt het geen stoornis. Ellen: “Iedereen piekert wel eens ergens over, dat is heel normaal.”

“Maar wanneer het piekeren je leven in beslag neemt, je slapen er te lang onder lijdt, je aan niets anders meer kunt denken en je gedachten steeds negatiever of irreëler worden ontwikkel je een problematische vorm van piekeren.”

Behandeling

Omdat een piekerstoornis iets is wat je ontwikkelt, niet wat je hebt, kun je er ook weer vanaf komen. Gelukkig zijn hier geen ingrijpende behandelingen voor nodig, alleen wat doorzettingsvermogen en rust. Zo kun je met cognitieve gedragstherapie leren je negatieve gedachten en gevoelens om te buigen naar positieve en realistische gedachten. Of door middel van acceptatie en commitment therapie, waarbij je leert dat je gedachten hebt, maar dat je je gedachten niet bént. Zo leer je van een afstand te kijken naar je gedachten en te accepteren dat gedachten je leven niet sturen. Ellen: “Ook mindfulness kan erg hulpzaam zijn bij een piekerstoornis. Je leert zo te kijken naar hoe je denkt en voelt, en je probeert meer compassie voor jezelf te voelen. Als deze dingen niet werken is er sprake van een probleem en heb je psychologische begeleiding nodig.”

Bron: https://twitter.com/mauramanzo/status/635487940890726400/photo/1?ref_src=twsrc%5Etfw

Ook als je ‘normaal’ piekert kun je deze behandelingen gebruiken om van het piekeren af te komen. Ellen: “Er is ook een simpele techniek, piekerstop, waarbij je elke dag actief een moment kiest om te piekeren. Op andere momenten dat je in de verleiding komt, beschrijf je hetgeen waarover je wilt piekeren (bijvoorbeeld hoe je presentatie in elkaar steekt, of hoe de eerste school/werkdag meestal verloopt), maar het piekeren bewaar je voor dat ene moment. Zo zoek je actief afleiding op het moment dat je wilt piekeren. Dat neemt een hoop spanning weg.”

Herken je jezelf in dit verhaal? Praat er eens over met je ouders, vrienden of collega’s. Leg hun wat zorgen die je hebt voor en vraag of zij die realistisch vinden. Is het antwoord overwegend ‘Nee’? Dan kan het handig zijn om met je huisarts of een psycholoog te praten. Zij kunnen je dan vertellen of je psychologische behandeling nodig hebt en wat je er anders tegen kunt doen.


Meer weten



Ook interessant


Geen antwoord kunnen vinden?

Neem via een ander kanaal contact met ons op: